|
Rangeren van het geschut, koppelingen van wagons, enzovoorts werden door het bijbehorende spoorwegpersoneel gedaan. Het Oberkommando des Heeres liet het spoorweggeschut, als zijnde spoorwegvoertuigen, onderbrengen bij het wagenpark van de Deutsche Reichsbahn. Hierdoor droeg het spoorweggeschut, net als reguliere wagons, wagennummers.
Heimatbahnhof (depotstation) van het spoorweggeschut was Bahnhof Wustermark Vbf.

Eén K 5 spoorwegkanon in Sluiskil had wagennummer 919217 P
De opleiding en oefeningen met het spoorweggeschut vonden plaats in Rügenwalde – Pommern, het huidige Darlowo in Polen, vlakbij de Oostzeekust.

Ersatzabteilung für Eisenbahn-Artillerie(Mot.) 100
Hier bevond zich ook de Generale staf, Befehlshaber der Eisenbahngeschütze. Uit bewaard gebleven documenten blijkt dat, na vernietiging van het spoorweggeschut bij Sluiskil, de naar Rügenwalde teruggevoerde batterijen 701, 710 en 713 (15e Leger) als ontbonden golden.
Technisch personeel, overgebleven voertuigen en apparatuur stonden beschikbaar ter opfrissing van andere spoorwegbatterijen. Het overige personeel werd vrijgegeven voor op te stellen artilleriebrigades.
Batterij 688 (7e Leger) werd niet ontbonden.

Van Batterij 713 naar Heeres Festungs-Artillerie Abteilung 1508


Het beschieten van een konvooi voor de Engelse kust door K 5 spoorweggeschut

|